Oud-wielerprof Kees Boelhouwers op 88-jarige leeftijd overleden

Marcel Gouka    19 maart 2018

Oud-wielerprof Kees Boelhouwers op 88-jarige leeftijd overleden
Door Wiel Verheesen
Tot vorig jaar was Kees Boelhouwers trouwe gast bij de wieler-bijeenkomsten die in Limburg op worden gehouden. Voor zijn vele vrienden zal het dan ook wennen zijn om hem niet meer te ontmoeten. Op 88-jarige leeftijd is de vroegere inwoner van Bunde, die al geruime tijd in Meerssen woonde, overleden. De herinneringen aan zijn loopbaan zijn talrijk, want vooral in de jaren vijftig heeft Kees Boelhouwers in eigen provincie, maar ook ver daarbuiten een behoorlijke rol gespeeld.
De liefde voor de wielersport kreeg hij overigens niet van vreemden. Oud-renner Jan Lambrichs, een broer van de moeder van Kees Boelhouwers, zette hem op de fiets. Terwijl zijn oom in het internationale profpeloton van zich deed spreken, zowel in de Tour de France alsook andere hooggenoteerde koersen, reed diens neef in wedstrijden voor niet-licentiehouders (de zogenaamde ’wilde ronden’) naar een flink aantal overwinningen. Eenmaal overgestapt naar de officiële KNWU-kringen werd de opmars nog eventjes geremd door militaire dienst, maar toen hij de kazernepoort achter zich dicht kon trekken had Kees Boelhouwers weer snel het goede ritme gevonden. Met zijn prima eindsprint, maar ook door aanvallend rijden en klimkwaliteiten won hij menige amateurkoers waaronder de driedaagse Omloop van de Twaalf Kantons 1954 in Luxemburg en de Eroba-sterrit datzelfde jaar in Echt. Mede door sterk optreden in de Ronde van Joegoslavië en enkele Belgische rittenkoersen waarin hij de kleuren van de Toer- en Wielerclub ’Maastricht’ verdedigde werd hij in de voorlopige selectie voor het WK in Solingen opgenomen. Toen puntje bij paaltje kwam moest hij echter in die titelstrijd (waarin zijn onlangs overleden provinciegenoot Mart van der Borgh derde werd) met een rol als eerste reserve tevreden zijn. De uitverkiezing voor de Route de France waarin weer een andere Limburger, Jan Nolten, enkele jaren eerder furore had gemaakt deed de pijn van het gemiste wereldkampioenschap enigszins verzachten.
In 1955 stapte Kees Boelhouwers over naar de onafhankelijken, een categorie die destijds een eigen programma had (met name in het buitenland), maar die ook de mogelijkheid bood om zowel bij de amateurs als profs aan de slag te gaan. Zo nam hij aan de zijde van Adri Voorting, Henk Steevens, Adri Suykerbuyk, Sjoerd de Vries en een paar anderen deel aan de Ronde van Zuid-Oost-Frankrijk, een achtdaagse voor beroepsrenners. Met ploeggenoten als Flor van der Weijden, Gijs Pauw, Peer Maas, enzovoort, reed hij later in datzelfde seizoen een uitstekende Ronde van België voor onafhankelijken. Twee tweede plaatsen, een keer de derde en eenmaal de vijfde plek waren van optreden een weerspiegeling. In de eindstand werd hij dertiende en bestgeklasseerde Nederlander. Ook veroverde hij nog de tweede plek in het bergcriterium van Maastricht op de Sint Pietersberg waar Tourrenner Gerrit Voorting hem van de zege afhield.
Weer een jaar later had Boelhouwers als lid van de pas geformeerde Erobaploeg een proflicentie op zak. Hij begon het seizoen op de Adsteeg in Beek met het prolongeren van de clubtitel bij de TWC ’Maastricht.’ De vooruitzichten waren prima, maar plotseling kwam er echter een kink in de kabel. Omdat hij niet aan de start verscheen van de Waalse Pijl waarvoor hij door chef d’equipe Toine Gense was opgeroepen kreeg hij niet alleen een startverbod voor Luik-Bastenaken-Luik, maar moest hij ook zijn plaats in de ploeg voor de Vierdaagse van Duinkerken afstaan. Als prof kwam Boelhouwers daarna niet meer echt uit de verf. Hij stopte zelfs enige tijd met koersen, om tenslotte in de jaren zestig nog geruime tijd deel uit te maken van het amateurpeloton. Wielrennen bleef zijn leven beheersen. De dood maakte daar definitief een einde aan.
Wiel Verheesen