Column Limburgs Wielercafé door WIEL VERHEESEN op 15 september 2017 in Café Oad Haander, Kerkrade

Marcel Gouka    16 september 2017

Column Limburgs Wielercafé door WIEL VERHEESEN op 15 september 2017
in Café Oad Haander, Kerkrade
Ze zeggen dat er hele kerkhoven vol liggen met mensen die niet gemist konden worden. Gegarandeerd kennen U en ik sommige personen die in ons leven inderdaad onvervangbaar leken te zijn, zijzelf soms nog het meest. Maar uiteindelijk moesten zij het toch afleggen tegen het onherroepelijke van het tijdelijke bestaan. Mijn moeder – ze was 114 als ze nog leefde – zou bijvoorbeeld nog graag even hier gebleven zijn om mij straks in het bejaardenhuis tot mijn laatste snik te kunnen wassen en afdrogen zodat ze daarna met een voldaan gevoel de eeuwigheid kon ingaan. Maar tja, ik zei het al, de wet van het voortbestaan ziet er anders uit. Straks in zorgcentrum Het Laatste Loodje zal ik daarom niet door mam, maar door een veel jongere vrouwelijke uitgave van het mensdom – althans dat hoop ik – in bad gestopt worden. En als ook dáár een einde aan gekomen is, gaat het leven weer gewoon verder, óók het Limburgs Wielercafé. Een nieuwe columnist is gauw gevonden. Zeker weten.
Nu zult U zich na deze inleidende woorden van mij wellicht afvragen of ik met mijn hoofd ergens keihard tegenaan gelopen ben of wellicht met de eerste verschijnselen van geestelijke aftakeling te maken heb gekregen. Ik kan U gerust stellen, ik voel me nog in goede staat. Waarom ik dan toch ben begonnen over kerkhoven en personen die niet te missen zouden zijn? Nou, heel simpel. Wanneer wij weer aan de vooravond staan van een mooi wielerevenement zoals de Eurode-Omloop er een is, komt bij mij namelijk automatisch een naam naar boven van iemand die onmisbaar was, in elk geval onmisbaar leek te zijn, maar toch ook voorgoed van ons heen gegaan is: Jo Dorscheidt. Een man om nooit te vergeten. Want zeg nu zelf, zouden wij hier met z’n allen gestaan hebben als hij er niet geweest was om de basis te leggen voor deze Eurode-Omloop die al in het begin van de jaren negentig op de kalender kwam en daar – een korte onderbreking buiten beschouwing gelaten – nog steeds prijkt? Nee, driewerf nee.
Ik overdrijf niet, wijlen Jo Dorscheidt mocht terecht als de grote kracht achter de organisatie gezien worden, ook al was hij altijd de eerste om die rol in een minder opvallend decor te plaatsen. Bescheiden, aimabel, maar ook standvastig zoals hij door het leven ging noemde hij zichzelf slechts een radertje in het geheel. ’We doen het samen,’ heeft hij mij meermalen verteld. Typisch Jo. De benoeming tot erevoorzitter van de organiserende stichting, drie jaar geleden, was niettemin een bewijs van erkentelijkheid. Chapeau. In gedachten zie ik hem vanuit het hiernamaals glimlachen bij het horen van deze opmerking, maar ik weet zeker dat hij de wedstrijd zondag – samen met de vele andere wielervrienden om hem heen die het tijdelijke ook al voor het eeuwige hebben verwisseld – met veel interesse zal volgen. En ik twijfel er evenmin aan dat hij na afloop zegt: ’Jongens, we nemen er met z’n allen eentje op de goede afloop en kijken alweer met veel interesse uit naar de editie 2018. Prosit.’
Overigens, in het nieuwe jaar hebben wij nog veel méér wielerevenementen om naar uit te kijken, zowel in Limburg alsook daarbuiten. Misschien krijgen wij zelfs te horen dat de directie van de Tour de France besloten heeft om op korte termijn weer eens een etappefinish in het land van bronsgroen eikenhout te situeren. Waarom niet? Met renners als Tom Dumoulin, Wout Poels, Roy Curvers en Mike Teunissen hebben we prima ambassadeurs om de kandidaatstelling door het provinciebestuur te ondersteunen en – U mag gerust glimlachen – misschien kan ook het boek dat ik onlangs geschreven heb, Limburg en de Tour, als een promotiemiddel hiertoe bijdragen. Je weet maar nooit. In wielerland is veel mogelijk. Wie had bijvoorbeeld ooit kunnen denken dat de eerstvolgende editie van de Ronde van Italië (zoals U vanmorgen in de krant hebt kunnen lezen) in Israël zou starten? De bazen van de Giro zijn weliswaar al eerder ver van huis gegaan om hun peloton op pad te sturen, bijvoorbeeld vanuit ons land, of uit Verviers of uit Athene, maar Jeruzalem is in dit kader toch nog iets andere koek. Het bewijst alleen dat de mondialisering van de wielersport in het algemeen en de profsector in het bijzonder nog steeds niet af is. Prima toch. Ben wél benieuwd wie op de Calvarieberg de eerste punten pakt voor het bergklassement in de Giro 2018? Dumoulin? Poels? Misschien staat Pontius Pilatus wel aan de kant van de weg om water over de hoofden van de renners te gieten? Dát zou pas echt sensatie zijn.
Wiel Verheesen