Column door Wiel Verheesen in Limburgs Wielercafé, 26 juli 2017 in Café D’r Klinge, Heerlen.

Marcel Gouka    27 juli 2017

Column door Wiel Verheesen in Limburgs Wielercafé, 26 juli 2017 in Café D’r Klinge, Heerlen.
Nee, er zijn in het Limburgse niet veel verenigingen die een voorzitter hebben met een Tour de France-verleden. De Vrienden Club van Honderd, een van de gastheren vanavond, heeft die wél: Marc Lotz, vijf keer in de Tour present. Daarna koos hij weer voor het vak van wiskundeleraar. Overigens, ook de ambassadeur van de club is een oud-Tourrenner, Rob Ruijgh. In tegenstelling tot zijn plaatsgenoot uit Valkenburg zit hij echter nog volop in de beweging. Zonder verplichtingen elders zou het kunnen dat hij vrijdag de Raboronde van Heerlen en volgende week de Ridderronde van Maastricht rijdt.
Heerlen, Valkenburg, Maastricht, ik vertel geen geheimpen, zijn steden met een rijke wielerhistorie. En als ik me voor deze gelegenheid beperk tot de stad waar we nu zijn, Heerlen dus, hoef ik U niet alleen te herinneren aan het feit dat hier vóór de oorlog een baan lag die men het ’kuipke van Bekkerveld’ noemde, maar ook dat aan de Stadsschouwburg meer dan vijfentwintig keer het startschot voor de Amstel Gold Race klonk en er om het Nederlands kampioenschap is gestreden. Voorts dat Olympia’s Tour en de Eneco Tour hier meermalen een etappefinish hebben gekend, alsook dat de KKK-ronde in Hoensbroek net als de Pijl van Heerlerheide, Omloop van de Mijnstreek en de cyclocross bij Kaldeborn een begrip waren. En …… niet te vergeten de wereldkampioenschappen die hier doorgingen in 1967, exact vijftig jaar geleden. Ik herinner het me nog goed, want was volop in de weer als verslaggever. Eddy Merckx won bij de profs, Beryl Berton bij de vrouwen en de onlangs overleden Graham Webb bij de amateurs. Een paar dagen eerder was op de autoweg Heerlen-Born v.v. de ploegentijdrit een prooi geworden voor Zweden dat de vier broers Petterson in de strijd had geworpen.
À propos, ik zei dat hier één keer de mondiale kampioenschappen zijn gehouden, maar dat klopt niet helemaal. Een paar jaar geleden was Heerlen óók startlocatie van de WK-tijdrit voor profs. Waar de heren Tony Martin, Phinney, Kiryenka, Van Garderen en ruim vijftig anderen hun race tegen de klok begonnen? Hier, vóór de deur, met de Pancratiuskerk op de achtergrond. De finish lag 45 kilometer verderop, in de uitloop van de Cauberg. Het was genieten.
De Pancratiuskerk was afgelopen zondag ook het decor van Tour de Limbourg, de talkshow die L1 gedurende de Ronde van Frankrijk hield. Pure promotie voor Limburg, temeer omdat de plaats van handeling altijd prachtig in beeld werd gebracht. Sander Kleikers leidde de show voortreffelijk. Sander is vriend en fijne collega van mij. Bovenal, hij is een vakman. Zondag slaagde hij er zelfs in om mij heel even in beeld te brengen. Hulde. Nee, U hoeft niet te klappen. In elk geval, ik kreeg de gelegenheid om mijn boek Limburg en de Tour onder de aandacht te brengen, precies eender trouwens als enkele weken terug in het programma Avondgasten of bij de presentatie in Café Leeuw aan de Brug, juist ja, in Valkenburg. De uitzendingen van Tour de Limbourg oogstten veel lof. Ik zei het al. Kleikers weet hoe je zo’n programma moet leiden. En oud-prof Gert Jakobs (uit Drente) kan er als vaste medewerker ook wat van. Ere wie ere toekomt.
Of er dan helemáál geen kritiek was? Jawel, althans in de wandelgangen waar ik vertoefde. Waarom, zo werd dáár gefluisterd, moeten oud-renners uit Gelderland of Zuid-Holland (Voskamp, Van Hummel, Den Bakker) in een Limburgs item verschijnen terwijl er toch voldoende eigen materiaal is? Bovendien, als het moeilijk is om telkens een interessant rennersfiguur te vinden of iemand uit een andere sector, waarom kan dan niet in de grabbeldoos van Limburgse officials, ploegleiders, trainers, organisatoren en fans gegraaid worden? En waarom – óók alweer volgens die ietsiepietsie-criticasters – moet een politicus, Joop Atsma, helemaal uit Friesland komen om invulling aan het programma te geven. Heeft het ermee te maken dat hij CDA’er is, net als de Limburgse deputé Ger Koopmans naar wie straks, het wordt gefluisterd, een straat genoemd wordt in Landgraaf of Brunssum zodra de fusie met Heerlen een feit is? Mensen, begrijp me goed. Ik vertel wat ik gehoord heb. Overigens, geen kwaad woord over beide heren, ofschoon het niet onwaarschijnlijk lijkt wat ik dan wel weer vanuit Roermond vernomen heb. Daar zou Jos van Rey een schoen naar het scherm hebben gesmeten toen hij na Koopmans ook nog eens Atsma de huiskamer zag binnenkomen. Mocht U het niet weten, Van Rey is eveneens politicus, maar wél van een andere kleur dan het CDA. Dat zou hij zelfs het liefst met onmiddellijke ingang achter de horizon zien verdwijnen. Om uitgerekend tijdens een tv-programma over de wielersport (waarvan hij een grote fan is) een paar mannen uit dat andere kamp te zien verschijnen kan dan net iets te veel zijn. Vergelijk het met de adrenaline in een massasprint. Of het tv-toestel in huize Van Rey na de bewuste uitzending vervangen moet worden hebben mijn informanten niet kunnen achterhalen. Wat ikzelf wél weet is dat ik met interesse uitkijk naar de derde editie van Tour de Limbourg, volgend jaar. U toch ook?
Wiel Verheesen